Contrast en helderheid bij het afdrukken van foto's

Wat bepaalt de helderheid van je fotoprints?

Een foto kan donkere en lichte dingen weergeven. Of een voorwerp nu veel kleur heeft of niet, het onderwerp heeft een bepaalde helderheid. Die helderheid is een maat voor de hoeveelheid licht die het onderwerp geeft of weerkaatst.

In de echte wereld om je heen is er een enorm verschil in helderheid tussen het donkerste zwart en het felste licht. Zelfs de beste fotoafdruk kan dit verschil niet weergeven. Gelukkig komen de zwartste zwarten en de felste witten in de praktijk niet vaak tegelijkertijd voor.

Je camera kan het probleem van dat grote verschil in helderheid gedeeltelijk voor je oplossen. Door diafragma en sluitertijd in te stellen wordt de gemiddelde hoeveelheid licht op de sensor aangepast. Dat kan, afhankelijk van je camera, automatisch of met de hand.

Gemiddelde helderheid

Een fotoafdruk heeft maar een beperkt bereik als het gaat om donker en licht. Veel minder dan wat we om ons heen zien. Dat bereik wil je zo goed mogelijk benutten, omdat een foto anders te licht of te donker overkomt. Je doet dit het best door te zorgen dat de gemiddelde helderheid van je foto ongeveer in het midden van dat bereik valt. Zo heb je ruimte richting zwart en richting wit.

Wat is het contrast van je fotoafdruk?

We hadden het al over het beperkte bereik dat een fotoafdruk heeft als het gaat om licht en donker. Het verschil tussen het lichtste gedeelte en het donkerste gedeelte van je foto noemen we in het algemeen het contrast.

Een hoog contrast betekent dat er een groot verschil is tussen de heldere en donkere gebieden in de afbeelding, terwijl een laag contrast betekent dat er minder verschil is tussen deze gebieden.

Waar je camera voor de enorme verschillen in helderheid een oplossing heeft, is dat bij het contrast minder het geval. Het is wel zo dat een goede camera grotere contrasten kan fotograferen dan een eenvoudige camera. De sensor van de camera is het onderdeel dat dit bepaalt.

Het beeld dat uit de sensor komt wordt na het nemen van de foto in je camera bewerkt. Er wordt een digitaal bestand van gemaakt. Je camera maakt hierbij keuzes die het contrast van je foto beïnvloeden.

Problemen met het contrast

Bij het maken van het beeldbestand maakt je camera verschillende afwegingen. Je wilt aan de ene kant dat subtiele verschillen in helderheid aan beide kanten van het helderheidsspectrum nog zichtbaar blijven. Als de sensor die uitersten aankan kan hij er voor kiezen om die beeldinformatie in je beeldbestand te gebruiken. Dat kan echter een foto tot resultaat hebben waar een groot deel van de foto dezelfde helderheid heeft. En dat is niet zo gewenst.

Stel je bijvoorbeeld een persoon in de schaduw voor, met een heldere hemel als achtergrond. Als we alle details van die achtergrond willen tonen, dan zal ons onderwerp heel donker worden. We kunnen dan geen details meer zien in de persoon. Het zwart loopt dicht zou een fotograaf zeggen.

Willen we juist wel details in de persoon zien, dan is de consequentie dat de detaillering van de heldere hemel niet meer kan. De achtergrond zal dan dichtlopen naar het wit.

Maximaal contrast?

In het algemeen zou je kunnen zeggen dat het goed is om het contrast van onze foto maximaal te maken. Dat kan eventueel in een beeldbewerkingsprogramma achteraf. Je foto benut dan het grootste gedeelte van de ruimte om donker en licht weer te geven. Of het nodig is om deze bewerking zelf te doen hangt af van de fotoservice.

Kanttekening hierbij is dat je moet zorgen dat de foto niet zichtbaar dichtloopt naar wit of zwart. Een beetje is vaak onvermijdelijk, maar de grotere vlakken moeten wat detaillering behouden.

Ook kan het een artistieke keus zijn om niet te gaan voor maximaal contrast. Een foto in de mist komt bijvoorbeeld veel natuurlijker over als het contrast laag blijft. Bij portretten met laag contrast blijft het beeld ingetogener.

Helderheid, contrast en het afdrukken van foto's

Bij het afdrukken van foto's is het onvermijdelijk dat er een vertaling gemaakt moet worden van jouw bestand naar de informatie die de fotoprinter nodig heeft. Het instellen van die conversie gebeurt door de leverancier. Je fotolab gebruikt een profiel dat het licht en donker uit je foto omzet naar het licht en het donker op de afdruk. Er zijn verschillen in hoe ze daarmee omgaan.

Een goedkope fotoprint zal geautomatiseerd en routinematig het contrast van je foto zo wijzigen dat er een zo groot mogelijk contrast is in de afdruk. Dat geeft namelijk een zo levendig mogelijk resultaat. De gemiddelde helderheid zal zo ingesteld worden dat deze ongeveer in het midden ligt.

We hebben gezien dat beide ‘optimalisaties’ niet altijd gewenst zijn. Bij de betere fotoservices wordt meer aandacht aan dit proces besteed. Heb je speciale wensen? Informeer dan bij een professioneel fotolab als GalleryColor of Profotonet.

 

Tips